De strijd tegen witwassen: wat merkt u ervan?

  • event25-04-2023
  • schedule08:00
  • timer4 minuten

De bank is een poortwachter tegen witwassen en terrorismefinanciering 

Op 18 oktober 2022 heeft het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) een geruchtmakende uitspraak gedaan in zaak die bunq tegen De Nederlandsche Bank (DNB) had aangespannen. De zaak betrof de toepassing van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft), in het bijzonder de verplichting om bij de inname van nieuwe klanten het doel en de beoogde aard van de zakelijke relatie vast te stellen en die relatie vervolgens doorlopend te monitoren. Want de bank is een poortwachter: zij moet voorkomen dat er misbruik van het financiële systeem wordt gemaakt. In goed Nederlands hebben we het dan over Anti-Money Laundering (AML), Client Due Diligence (CDD) en Know Your Customer (KYC).  

Beleid tegen witwassen niet op orde? Dan boete of zelfs strafvervolging. 

Dit geval staat niet op zichzelf, en dan was deze uitspraak nog in het voordeel van de bank. Veel banken zijn de afgelopen jaren juist negatief in het nieuws gekomen wegens gebrekkige controle op witwassen en terrorismefinanciering. Soms leidt dat tot strafrechtelijk onderzoek (ABN AMRO, ING). Of tot hoge boetes: ING moest € 775 miljoen betalen, ABN AMRO “slechts” € 480 miljoen. Inmiddels is het OM een strafrechtelijk onderzoek gestart naar tekortkomingen bij Rabobank. De uitkomst daarvan is nog onbekend.  

De invloed van de bancaire strijd tegen witwassen op uw onderneming

Maar wat houden de controles op witwassen in, en, belangrijker, welke impact hebben ze op u, uw onderneming, uw bankrekening of uw klantrelatie met de bank? In deze blog leest u over de regels tegen witwassen en terrorismefinanciering en hun invloed op de praktijk, en we staan stil bij de verplichtingen van banken uit hoofde van de Wwft en wat die voor u kunnen betekenen. 

DNB: maatregelen van bunq tegen witwassen en terrorismefinanciering onvoldoende

Het startpunt is de hierboven genoemde uitspraak van het CBb. Het was een strijd van David tegen Goliath: het kleine maar wendbare bunq wist een belangrijke overwinning te behalen op DNB. De procedure ging over de manier waarop bunq haar klanten screende, voordat zij een rekening opent. Die screening is belangrijk ter voorkoming van witwassen en terrorismefinanciering, omdat de banken op die manier meteen aan de poort eventuele rotte appelen kunnen detecteren (CDD). DNB heeft vanaf 2018 gezegd dat bunq haar CDD niet op orde had. Zij gaf bunq een aanwijzing om de screening anders te organiseren. Volgens DNB handelde bunq in strijd met de wet doordat het cliëntonderzoek, de wijze van risicokwalificatie (via toekenning van standaardprofielen) en de transactiemonitoring bij bunq tekortschoten.    

Het conflict tussen bunq en DNB draait in essentie om de vraag hoe banken die poortwachtersrol moeten invullen: volgens een door DNB bepaalde vragenlijst, of door naar de doelen van de wet te kijken. DNB hechtte aan het eerste. Bunq deed het tweede, en week af van het DNB-model. Zij gebruikte moderne technologie om fraude en witwassen op te sporen en tegen te gaan. Bunq had risicogebaseerde methoden ontwikkeld en op kunstmatige intelligentie gebaseerde technologie ingebouwd om witwassen en terrorismefinanciering slimmer en efficiënter te bestrijden.  

Mogen banken hun maatregelen tegen witwassen anders inrichten dan DNB wil?

De moderne AML-werkwijze van bunq strookte niet met hoe het volgens DNB moest: vooraf vragenlijsten invullen. Die systematiek leidt volgens bunq juist tot slechtere resultaten en daarom wilde bunq daar niet aan. Zij krijgt daarin van het CBb gelijk. De Wwft schrijft niet dwingend voor hoe het cliëntenonderzoek moet worden verricht. Wel schrijft de Wwft voor wat het resultaat moet zijn: de ingewonnen informatie over doel en beoogde aard van de zakelijke relatie moet de bank in staat stellen om de risico’s van het binnenhalen van de betreffende cliënt in te schatten. Door middel van dat CDD leert bunq haar cliënt kennen (KYC). En daar voldoet de methode van bunq aan, aldus het CBb.

Toch een CDD-smetje

Was het dan allemaal hosanna voor bunq? Nee, ook bunq kreeg een tik(je) op de vingers van het CBb. Bunq deed volgens het CBb onvoldoende onderzoek naar de oorsprong van de geldmiddelen van haar klanten. Dat is belangrijke informatie in de strijd tegen witwassen en financieren van terrorisme. Dat gold ook voor het onderzoek naar de herkomst van het vermogen en de middelen van klanten die zij als PEP (Politiek Prominent Persoon) heeft gekwalificeerd. Zo’n kwalificatie is van relevant, want een PEP kan door zijn positie ook ongewild sneller betrokken raken bij witwassen of terrorismefinanciering dan een ander persoon. Daarom is van belang dat de bank voor het aangaan van de relatie vaststelt of de klant een PEP is. Zij moet dan een verscherpt cliëntonderzoek doen, waaronder dus het onderzoek naar de de herkomst is van het vermogen en de middelen van deze persoon.  

Met zijn uitspraak heeft het CBb duidelijk gemaakt dat het bij de regelgeving inzake het cliëntonderzoek uit de Wwft gaat om de bestemming (principle based), en niet om de weg ernaartoe (rule based). Deze uitspraak heeft daarmee mogelijk grote gevolgen voor de CDD- en KYC-afdelingen van veel banken, omdat die nog het “oude” systeem volgen.  

En u dan?

Is dit allemaal relevant voor u? Ja, dat is het zeker. De meeste ondernemers doen niet aan witwassen of terrorismefinanciering. Maar de bank moet dat kunnen controleren. Niet alleen bij opening van de bankrekening, maar tijdens de gehele duur van de relatie. Krijgt u schriftelijke vragen van de bank? Wees dan alert. U zult de eerste niet zijn bij wie de bank de rekening opheft, omdat die vragen niet of niet tijdig zijn beantwoord. Alles voor de strijd tegen witwassen en terrorismefinanciering. 

Aarzel in voorkomend geval niet om contact op te nemen met onze financieel recht specialisten Harm Jan Tulp of Sarah de Recht. Ook bij andere financieelrechtelijke vraagstukken of problemen. Zij helpen u graag. 

 

Geschreven door:

Harm Jan Tulp

Harm Jan Tulp is ruim vijfentwintig jaar werkzaam als advocaat. Hij is als partner verbonden aan Yspeert advocaten. Naast zijn praktijk is Harm Jan raadsheer-plaatsvervanger in het Gerechtshof ’s Hertogen Bosch en publiceert hij regelmatig, momenteel vooral wenken in de WoltersKluwer-uitgave Rechtspraak Financieel Recht. Hij is voorts bestuurslid van drie aan het Fries Museum verbonden ondersteunende stichtingen en secretaris van de Vereniging van Advocaten in Friesland.

Harm Jan Tulp is ruim vijfentwintig jaar werkzaam als advocaat. Hij is als partner verbonden aan Yspeert advocaten. Naast zijn praktijk is Harm Jan raadsheer-plaatsvervanger in het Gerechtshof ’s Hertogen Bosch en publiceert hij regelmatig, momenteel vooral wenken in de WoltersKluwer-uitgave Rechtspraak Financieel Recht. Hij is voorts bestuurslid van drie aan het Fries Museum verbonden ondersteunende stichtingen en secretaris van de Vereniging van Advocaten in Friesland.

Klik voor meer binnnen de categorie
Neem contact op

Klik hier voor het het privacybeleid van Yspeert advocaten n.v.