- 17-02-2026
- 09:00
- timer 4 minuten
Het ontwerp vormt doorgaans de basis voor elk bouwproject. Tegelijkertijd is het een veelvoorkomende oorzaak van geschillen wanneer zich complicaties voordoen. Fouten in het ontwerp kunnen resulteren in vertragingen, verhoogde kosten en soms substantiële gebreken aan het gerealiseerde bouwwerk. De centrale vraag die dan rijst is: wie draagt de ontwerpverantwoordelijkheid, oftewel het risico voor dergelijke tekortkomingen?
Het antwoord op deze vraag is vaak complex. De toewijzing van ontwerpverantwoordelijkheid is sterk verbonden met zowel de gehanteerde contractvorm als de feitelijke rollen van opdrachtgever en aannemer. In deze blog belichten wij de belangrijkste uitgangspunten voor de vraag wie de ontwerpverantwoordelijkheid draagt wanneer zich complicaties voordoen. Daarbij gaan wij in op de meest gangbare contractvormen binnen de bouwsector.
Traditionele bouwcontracten: scheiding tussen ontwerp en uitvoering
Bij traditionele bouwcontracten, conform het Burgerlijk Wetboek of de UAV 2012, zijn de verantwoordelijkheden voor ontwerp en uitvoering doorgaans van elkaar gescheiden. De opdrachtgever draagt zorg voor het ontwerp, bijvoorbeeld door dit op te laten stellen door een architect, terwijl de aannemer verantwoordelijk is voor de uitvoering van het ontwerp.
Het wettelijke uitgangspunt is duidelijk: het ontwerp valt onder de risicosfeer van de opdrachtgever en de aannemer dient te bouwen conform dit ontwerp. Indien zich een fout in het ontwerp voordoet, komt de verantwoordelijkheid daarvoor in principe bij de opdrachtgever te liggen. Op deze hoofdregel bestaat echter een belangrijke uitzondering. Van de aannemer wordt verwacht dat hij zijn professionele expertise inzet bij de uitvoering van het werk. Wanneer hij een duidelijke fout of tekortkoming in het ontwerp constateert, is hij verplicht de opdrachtgever hiervan tijdig op de hoogte te stellen. Laat de aannemer dit na, dan kan de aansprakelijkheid alsnog op hem komen te rusten.
De UAV 2012 sluit nauw aan bij deze wettelijke verdeling. De opdrachtgever draagt verantwoordelijkheid voor door of namens hem voorgeschreven constructies, tekeningen en werkwijzen. Tevens dient de opdrachtgever tijdig alle relevante informatie aan de aannemer te verstrekken, zodat het werk correct kan worden uitgevoerd. Daartegenover staat de waarschuwingsplicht van de aannemer, die onder de UAV 2012 een essentiële rol vervult.
In de praktijk is de grens vaak niet duidelijk afgebakend. Aannemers leveren regelmatig input door mogelijke oplossingen aan te dragen of suggesties te doen tijdens het project. Dit participeren impliceert echter niet zonder meer dat zij ontwerpverantwoordelijkheid op zich nemen. Die ontwerpverantwoordelijkheid ontstaat pas zodra de aannemer actief sturing geeft aan ontwerpbeslissingen of wanneer verstrekte adviezen expliciet worden overgenomen en geïntegreerd in het uiteindelijke ontwerp.
Tip: Bespreek vooraf hoe de ontwerpverantwoordelijkheid precies is verdeeld. De jurisprudentie op dit punt is bijzonder afhankelijk van de specifieke omstandigheden van het geval.
Geïntegreerde contracten: ontwerp én uitvoering onder één dak?
Bij geïntegreerde contracten, zoals de UAV-gc 2025, is de aannemer verantwoordelijk voor zowel het ontwerp als de uitvoering. Dit betekent echter niet dat alle ontwerpaansprakelijkheid direct bij de aannemer komt te liggen. De opdrachtgever blijft namelijk verantwoordelijk voor de stukken en gegevens die hij zelf aanlevert; ontwerpfouten die daaruit voortkomen, blijven in principe zijn risico. Het risico kan pas verschuiven naar de aannemer, wanneer deze fouten had moeten opmerken maar hier geen melding van maakt. Hoe deze verdeling in de praktijk uitpakt, hangt sterk af van het verloop van het ontwerp tijdens het project.
In het geval van grotere projecten komt het vaak voor dat de aannemer verder werkt aan een basisontwerp van de opdrachtgever. De aannemer geeft vervolgens meer invulling aan het ontwerp, verbetert details of past onderdelen aan om het bouwproces efficiënter en beter uitvoerbaar te maken. In deze situatie blijft de opdrachtgever in principe aansprakelijk voor fouten in het oorspronkelijke ontwerp, terwijl de aannemer verantwoordelijk is voor de door hem doorgevoerde wijzigingen en aanvullingen. Daardoor blijft voor alle betrokken partijen duidelijk wie op welk moment de ontwerpverantwoordelijkheid draagt.
Bij geïntegreerde contracten komt het regelmatig voor dat de opdrachtgever geen uitgebreid ontwerp aanlevert, maar alleen functionele eisen opstelt. De opdrachtgever bepaalt in zulke gevallen niet hoe het bouwwerk gerealiseerd moet worden, maar maakt enkel kenbaar aan welke specificaties het uiteindelijke resultaat moet voldoen, zoals eisen betreffende isolatie, brandveiligheid of water- en winddichtheid. Het is vervolgens aan de aannemer om binnen deze voorwaarden een geschikt ontwerp te maken. In dit soort situaties ligt de ontwerpverantwoordelijkheid vooral bij de aannemer, omdat hij ervoor moet zorgen dat aan alle gestelde prestatie-eisen wordt voldaan.
Met de invoering van de UAV-GC 2025 blijft het basisprincipe gelijk: de opdrachtgever is verantwoordelijk voor het door hem aangeleverde ontwerp, terwijl de aannemer verantwoordelijk is voor zijn eigen ontwerpwerk. In de nieuwe regeling ligt echter meer nadruk op proactieve samenwerking, actieve afstemming op de tijdens het werk blijkende toestand van het bouwwerk en het fase gebonden beoordeling ontwerpfouten. Hierdoor wordt het voor de aannemer nog belangrijker om ontwerpfouten tijdig te herkennen en te herstellen. Zo houden partijen beter zicht op hun ontwerpverantwoordelijkheid tijdens de verschillende projectfases.
Conclusie
Ontwerpverantwoordelijkheid kan niet worden samengevat in één enkele regel. De gekozen contractvorm dient als uitgangspunt voor het bepalen van deze verantwoordelijkheid. Echter, de mate van feitelijke betrokkenheid van partijen bij het ontwerp beïnvloedt de verdeling van risico's aanzienlijk. Bij traditionele contracten ligt de ontwerpverantwoordelijkheid doorgaans bij de opdrachtgever, terwijl bij geïntegreerde contracten de situatie complexer is; hier hangt de verantwoordelijkheid af van welke partij welk onderdeel van het ontwerp heeft verzorgd en op welke wijze hierop is gereageerd door de betrokkenen.
De jurisprudentie toont aan dat dit onderwerp sterk afhangt van de omstandigheden van het geval. Om deze reden is het essentieel om bij de start van een project heldere afspraken te maken betreffende ontwerpverantwoordelijkheid en deze zorgvuldig vast te leggen. Hiermee wordt de kans op discussies en kostbare geschillen achteraf aanzienlijk beperkt. Wilt u meer weten over dit onderwerp of heeft u een geschil over ontwerpverantwoordelijkheid in de bouw? Neem dan gerust contact op met één van onze bouwrechtspecialisten, Rick Hoiting of Nathalie Thoma.
Wilt u meer lezen over dit onderwerp? Onze collega Nathalie Thoma heeft onlangs een artikel geschreven voor het Groninger Civilistenblad over de juridische uitgangspunten en de rol van betrokken partijenen bij ontwerpverantwoordelijkheid. Het volledige artikel leest u hier.