Het medisch tuchtrecht wordt vaak geassocieerd met fouten in de behandelkamer. Uitspraken van het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg laten echter een ander beeld zien. Ook buiten de directe patiëntenzorg wordt de zorgverlener gehouden aan strikte professionele normen. In meerdere uitspraken tekent zich een duidelijke lijn af. Die lijn raakt de kern van het tuchtrecht: het bewaken van verantwoordelijkheid buiten de behandelkamer en het vertrouwen in de gezondheidszorg.
Het tuchtrecht gaat over meer dan alleen de directe patiëntenzorg, maar ook over de verantwoordelijkheid buiten de behandelkamer
Het tuchtrecht beperkt zich allang niet meer tot alleen de klassieke behandelrelatie. Ook uitlatingen in de media, advisering in letselschadezaken en gedrag richting collega's kunnen onder de tuchtrechtelijke norm van de ''behoorlijk beroepsbeoefenaar'' vallen. In dergelijke situaties staat de vraag centraal hoe invulling wordt gegeven aan verantwoordelijkheid buiten de behandelkamer.
Dat blijkt onder meer uit een uitspraak over een GZ-psycholoog die in een podcast uitspraken deed over psychische problematiek, zonder dat sprake was van een behandelrelatie met klager. Het Centraal Tuchtcollege oordeelde dat de uitlatingen voldoende weerslag hadden op de individuele gezondheidszorg om tuchtrechtelijk toetsbaar te zijn. Daarbij speelde mee dat de psycholoog zich nadrukkelijk presenteerde vanuit professionele deskundigheid als BIG-geregistreerd zorgverlener. Hierdoor ontstond een verantwoordelijkheid buiten de behandelkamer om zich als behoorlijk beroepsbeoefenaar te gedragen.
De verantwoordelijkheid buiten de behandelkamer brengt dus met zich mee dat van een zorgverlener ook buiten de behandelkamer zorgvuldigheid mag worden verwacht. Publieke uitingen van een professional vragen bewustzijn van de mogelijke gevolgen en terughoudendheid.
De verantwoordelijkheid buiten de behandelkamer houdt ook in dat een conclusie buiten het eigen vakgebied alleen gegeven mag worden als dit goed onderbouwd wordt
In een andere zaak, over een gepensioneerd internist die als medisch adviseur optrad in een aansprakelijkheidskwestie, stond centraal in hoeverre een arts zich mag uitlaten buiten het eigen specialisme. Het Centraal Tuchtcollege nuanceert daarbij dat overschrijding van het eigen vakgebied niet zonder meer verboden is. Wel geldt dat een arts eventuele lacunes in kennis actief moet ondervangen en inzichtelijk moet maken waarop conclusies zijn gebaseerd. Dit is een invulling van hoe de verantwoordelijkheid buiten de behandelkamer eruitziet voor zorgprofessionals.
Juist daar ging het in deze zaak mis. Het college achtte van belang dat cruciale medische informatie onvoldoende was geverifieerd, terwijl de arts wel stellige conclusies trok. Dat leidde tot een gegrond tuchtrechtelijk verwijt.
Professionele autoriteit brengt dus ook verantwoordelijkheid buiten de behandelkamer met zich mee. Wie zich als medisch deskundige uitlaat, moet kunnen uitleggen waarop het oordeel is gebaseerd.
Ook het gedrag tussen collega's onderling kan tuchtrechtelijk relevant zijn
In een zaak tussen twee tandartsen escaleerde een zakelijk en persoonlijk conflict zodanig dat sprake was van het actief stimuleren van klachten en negatieve uitlatingen over de collega. Het Centraal Tuchtcollege maakte duidelijk dat dergelijk gedrag niet alleen gevolgen heeft voor de direct betrokkenen, maar ook het vertrouwen in de beroepsgroep als geheel kan aantasten.
Daarmee bevestigt het college dat professioneel handelen meer omvat dan uitsluitend de relatie met patiënten. Ook in de omgang met collega's gelden normen van zorgvuldigheid, integriteit en professionaliteit.
Het vertrouwen in de zorg is een norm waaraan getoetst wordt
De gemene deler in deze uitspraken is dat het tuchtrecht niet primair bedoeld is om individuele fouten te bestraffen. Het centrale doel blijft het bewaken van de kwaliteit, betrouwbaarheid en integriteit van de gezondheidszorg. Van zorgverleners wordt dus verwacht dat zij controleerbaar en toetsbaar handelen, dat zij zorgvuldig omgaan met publieke uitingen en dat zij reflecteren op de grenzen van hun eigen deskundigheid. Zorgverleners moeten zich bovendien realiseren dat zij ook verantwoordelijkheid buiten de behandelkamer hebben ten aanzien van het vertrouwen in de zorg.
Tegelijkertijd laten de uitspraken zien dat het Centraal Tuchtcollege zoekt naar een evenwicht. Niet ieder handelen van een BIG-geregistreerde buiten de behandelkamer valt automatisch onder het tuchtrecht. Doorslaggevend blijft of sprake is van voldoende weerslag op de individuele gezondheidszorg en het vertrouwen daarin.
De besproken uitspraken maken duidelijk dat verantwoordelijkheid buiten de behandelkamer een vast onderdeel vormt van de norm binnen het medisch tuchtrecht. Niet alleen het handelen in de behandelrelatie, maar juist ook het optreden daarbuiten kan tuchtrechtelijk worden getoetst. Heeft u vragen naar aanleiding van deze uitspraak of de verantwoordelijkheid buiten de behandelkamer? Neem dan contact op met één van onze gezondheidsrechtspecialisten.