Netcongestie is inmiddels een vaste kop in bouwdossiers. Netcongestie als bouwvertraging speelt een steeds grotere rol in bouwprojecten, omdat een netbeheerder de elektriciteitsaansluiting niet op tijd kan realiseren. Voor aannemers is de vervolgvraag simpel: kan die vertraging aan de opdrachtgever worden doorberekend, of blijft de contractuele boete gewoon staan? Een recente uitspraak van de Raad van Arbitrage voor de Bouw (nr. 37.968) geeft een helder, en voor aannemers ongemakkelijk, antwoord.
De zaak in het kort
Een aannemer had een casco bedrijfsunit gerealiseerd, inclusief de bijbehorende elektra-aansluiting. Het werk werd 141 werkdagen te laat opgeleverd. De opdrachtgever vorderde de contractuele korting van paragraaf 42 lid 2 UAV 2012, bij gebreke van een afwijkend bedrag in het bestek € 60 per werkdag, in dit geval opgeteld tot € 8.460. De aannemer verzette zich met een beroep op overmacht: de aansluiting was tijdig aangevraagd, de netbeheerder was herhaaldelijk aangespoord, en de vertraging lag feitelijk buiten haar invloedssfeer.
Paragraaf 42 lid 3 UAV 2012 biedt normaal gesproken precies die uitweg: voor dagen waarop de oplevering door overmacht is vertraagd, wordt geen korting opgelegd. De arbiter ging hier echter niet in mee.
Waarom het beroep op overmacht faalde
De arbiter achtte doorslaggevend dat netcongestie als bouwvertraging sinds circa 2018 een bekend en voorzienbaar probleem is. Een risico dat ten tijde van de contractvorming voorzienbaar is, kan in beginsel niet meer als overmacht worden aangemerkt. Van een aannemer mag dan worden verwacht dat hij dat risico bij het aangaan van de overeenkomst heeft verdisconteerd, bijvoorbeeld door voorafgaand aan het project concrete afstemming te zoeken met de netbeheerder over de haalbaarheid van de aansluittermijn.
Opvallend is dat de arbiter dit oordeel niet liet varen ondanks dat de aannemer wel degelijk actie had ondernomen: de aanvraag was op tijd ingediend, de netbeheerder was aangespoord, en de opdrachtgever was steeds op de hoogte gehouden. Die transparantie veranderde niets aan de toerekenbaarheid van de netcongestie als bouwvertraging. Inspanning en communicatie zijn dus geen vervanging voor een deugdelijke risicoanalyse vooraf. Het resultaat: de volledige boete van € 8.460 bleef in stand.
Ook de wetgever erkent het probleem; netcongestie als bouwvertraging
De uitspraak past in een breder beeld: netcongestie als bouwvertraging wordt niet alleen door arbiters, maar ook door de wetgever als een structureel probleem gezien. In opdracht van de NVDE (Nederlandse Vereniging Duurzame Energie) is onderzocht welke wetswijzigingen netuitbreidingsprojecten kunnen versnellen. Geconcludeerd werd dat met name drie ingrepen jaren tijdwinst kunnen opleveren: een Lex Silencio Positivo (automatische vergunningverlening bij het uitblijven van een tijdig overheidsbesluit), het vergunningsvrij maken van veelvoorkomende kleine bouwwerken zoals transformatorstations en het bundelen van projectbesluiten zodat niet bij meerdere loketten afzonderlijk moet worden gewacht.
Netcongestie als bouwvertraging is dus minder een capaciteitsvraagstuk dan een juridisch en procedureel vraagstuk en dat sluit direct aan op wat de Raad van Arbitrage nu ook in de contractuele verhouding laat zien: het risico wordt in de praktijk bij degene gelegd die er het minst invloed op heeft, tenzij het contract dat expliciet anders regelt.
Wat betekent netcongestie als bouwvertraging voor de bouwpraktijk
Voor aannemers en opdrachtgevers die nu contracteren, zijn er een paar concrete lessen als we het hebben over netcongestie als bouwvertraging:
- Neem netcongestie als bouwvertraging expliciet op als contractueel risico, in plaats van te vertrouwen op een algemene overmachtsclausule. Een beroep op paragraaf 42 lid 3 UAV 2012 slaagt niet meer automatisch zodra het risico als voorzienbaar geldt.
- Vraag tijdig, en met bewijs, de netaansluiting aan en leg de afstemming met de netbeheerder vast, niet om overmacht te bewijzen, maar om te kunnen aantonen dat een realistische planning is gemaakt.
- Onderhandel over een aangepaste opleverplanning of een aparte deeltermijn voor de aansluiting, zodat vertraging door de netbeheerder niet automatisch de gehele boeteclausule raakt.
- Overweeg een specifieke risicoverdelingsbepaling voor netcongestie als bouwvertraging, in plaats van te vertrouwen op de standaard UAV-bepalingen, zeker bij projecten in gebieden met bekende capaciteitsproblemen.
Conclusie
De boodschap van deze uitspraak is helder: netcongestie als bouwvertraging is inmiddels te bekend om nog als overmacht te kunnen gelden. Wie dit risico niet vooraf contractueel adresseert, loopt het risico de rekening alleen te betalen; ook als de daadwerkelijke oorzaak volledig bij de netbeheerder ligt. Voor aannemers en opdrachtgevers die op dit moment bouw- of infraprojecten voorbereiden, is een kritische blik op de bestaande UAV(-GC)-bepalingen dan ook geen overbodige luxe.
Dit artikel geeft algemene informatie over een actuele ontwikkeling in de bouwpraktijk en vormt geen juridisch advies voor een specifieke situatie. Wilt u weten welke juridische gevolgen netcongestie als bouwvertraging heeft voor uw bouw- of infraproject? Neem voor een beoordeling van uw eigen contract of project contact op met Wouter Leerink of Rick Hoiting van Yspeert advocaten