Gevolgen wet normering bezoldiging topfunctionarissen

Gevolgen wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector voor woningcorporaties

Op 1 januari 2013 is de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) in werking getreden. De WNT vervangt de Wet openbaarmaking uit publieke middelen gefinancierde topinkomens (Wopt). Waar de Wopt enkel openbaarmaking verlangde, maximeert de WNT het inkomen van topfunctionarissen in de publieke en semipublieke sector. In deze bijdrage zal antwoord worden gegeven op belangrijke vragen die door de invoering van de WNT spelen binnen de semipublieke sector.

Voor wie?

De WNT heeft naast publieke instellingen zoals provincies, gemeenten en waterschappen, ook betrekking op semipublieke instellingen. Hierdoor geldt de WNT ook voor onder meer woningcorporaties, zorginstellingen, onderwijsinstellingen en drinkwaterbedrijven.

In de WNT wordt het inkomen van topfunctionarissen genormeerd. De normering geldt niet voor andere functionarissen binnen de instelling. Met “topfunctionarissen” wordt bedoeld de leden van de hoogst uitvoerende en toezichthoudende organen, alsmede de hoogste onderschikte(n) en degenen die belast zijn met de dagelijkse leiding van de instelling. Of een persoon als topfunctionaris wordt aangemerkt, zal afhangen van de interne organisatie van de desbetreffende instelling. Bij semipublieke instellingen zal de normering veelal zien op de directieleden, leden van het managementteam en de commissarissen van die instelling.

Wat gaat er veranderen?

Als gevolg van de WNT wordt de contractsvrijheid in de (semi)publieke sector ingrijpend beperkt. Zo wordt de bezoldiging van topfunctionarissen aan banden gelegd, waardoor bezoldigingen vanaf 1 januari 2013 maximaal € 187.340,- mogen bedragen. Dit bedrag komt overeen met de zogenoemde “Balkenende-norm” (130% van het bruto salaris van een minister). Voor commissarissen van semipublieke instellingen geldt dat zij voortaan niet meer mogen verdienen dan 5% van het voor die instelling geldende bezoldigingsmaximum. Voor de voorzitter van de raad van commissarissen geldt een maximum van 7,5%.

De minister voor Wonen en Rijksdienst heeft het bezoldigingsmaximum voor woningcorporaties verder beperkt in de Regeling bezoldigingsmaxima topfunctionarissen toegelaten instellingen volkshuisvesting. Hierin is het inkomen van topfunctionarissen van woningcorporaties afhankelijk gemaakt van het aantal woningen dat de woningcorporatie in beheer heeft. Er is een schaal van € 60.000,- (bij minder dan 1.000 woningen tot het hiervoor genoemde maximum van € 187.340,- (bij meer dan 75.000 woningen)..

Niet alleen de bezoldiging van topfunctionarissen is wettelijk gemaximeerd, maar ook de afvloeiingsregeling is begrensd op € 75.000,-.

Overgangsrecht

De WNT kent de volgende overgangsregeling. De vóór 6 december 2011 gemaakte bezoldigingsafspraken en contractuele beëindigingsvergoedingen, alsmede vóór 1 januari 2013 gesloten nieuwe overeenkomsten worden vier jaar lang na inwerkingtreding van de WNT gerespecteerd. Daarna vindt een afbouw plaats in 3 jaar tot het voor de instelling geldende maximum.

Wijzigingen in de hoogte van de bezoldiging of duur van de arbeidsovereenkomst afgesproken tussen 6 december 2011 en 1 januari 2013 worden na 1 januari 2013 niet gerespecteerd, tenzij de bestaande arbeidsovereenkomst in die periode een natuurlijk einde kende (bijvoorbeeld een arbeidscontract voor bepaalde tijd, die vóór 1 januari 2013 afliep en is verlengd). In dat laatste geval wordt de arbeidsovereenkomst als een nieuwe overeenkomst gezien.

Vanaf 1 januari 2013 geldt de WNT onverkort op nieuwe bezoldigingsafspraken. Ook indien een dienstverband voor bepaalde tijd na 1 januari 2013 wordt verlengd, dan gelden de maxima genoemd in de WNT en valt die verlenging niet onder het overgangsrecht.

Toezicht

De accountant van de instelling heeft op grond van de WNT een meldingsplicht. Indien de accountant constateert dat de regels niet worden nageleefd, dan moet de instelling eerst in de gelegenheid worden gesteld om de overtreding te herstellen. Wordt de overtreding niet hersteld, dan is de accountant verplicht om een melding te doen bij de minister.

De minister heeft ingrijpende handhavingsbevoegdheden. Zo kan de minister de topfunctionaris en de werkgever, zo nodig met een last onder dwangsom, dwingen om betalingen in strijd met de wet ongedaan te maken. De minister kan zelfs de betaling opeisen.

Woningcorporaties, zorginstellingen en ook andere (semi-) publieke instellingen wordt daarom aangeraden om bij de totstandkoming of wijziging van arbeidscontracten met topfunctionarissen binnen de instelling rekening te houden met de WNT en de bepalingen van arbeidscontracten van topfunctionarissen daarop aan te passen.

Uw eerste aanspreekpunt:

Ruth Pruim

Ruth Pruim (advocaat sinds 2002) is bestuurder van Yspeert advocaten. Ruth heeft de specialisatie-opleiding ondernemingsrecht gevolgd en de leergang aanbestedingsrecht bij het Instituut voor Bouwrecht (IBR).

Ruth is lid van de Investeringscommissie van het Investeringsfonds Groningen. Tevens is vice-voorzitter van de Commercieele Club Groningen en is zij lid van VNO-NCW. Voorheen heeft zij diverse toezichthoudende functies vervult, waaronder Commissaris bij de Zorggroep Groningen.

050 207 16 16 +31 (0) 6 193 481 91 r.pruim@yspeert.nl