Een vergissing van de bank in uw voordeel?

Zonder het vraagteken, staat dit op een van de Algemeen Fonds-kaarten uit het wereldberoemde bordspel Monopoly. Degene die deze kaart trekt, ontvangt een bedrag van tweehonderd harde Hollandse guldens.

De Geschillencommissie wees onlangs een bindende uitspraak in een zaak waarin de bank zich had vergist en de klant zo’n voordeel dacht te zullen ontvangen.

Casus
Wat was de casus? Mevrouw A en haar man hadden in 2005 een hypothecaire geldlening afgesloten bij SNS, dat nu Volksbank heet. De looptijd was 30 jaar en A had de rente voor 25 jaar vastgezet tegen 4%. Dat percentage vinden we tegenwoordig heel hoog, maar in 2005 was het marktconform. Sindsdien is de rente sterk gedaald.

In de algemene voorwaarden stond dat SNS bij oversluiting van de hypotheek een boeterente in rekening mag brengen als de rente op het moment van oversluiten lager is dan de contractuele rente. Als A het huis zou verkopen, dan mag SNS geen boeterente in rekening brengen.

A had ook nog een huis in het buitenland. In 2019 wilde zij daar met haar man voor langere tijd naar toe. Ook wilde zij (een deel van) de overwaarde van haar Nederlandse woning opnemen. Daarvoor had ze bij een andere bank een offerte voor oversluiting opgevraagd. De financieel adviseur van die nieuwe bank (de “Financieel Adviseur”) raadt A aan om bij SNS een pro forma-aflosnota op te vragen. Daarop staat hoeveel er moet worden afgelost en ook hoeveel boeterente er eventueel moet worden betaald. De rente was immers fors lager dan in 2005. A belt op 7 augustus 2019 met de partij die voor SNS de administratie van de hypotheek verzorgt (de “Administrateur”). Die deelde A mede dat de boeterente EUR 0,00 zou zijn. Dit heeft de Administrateur op 8 augustus 2019 schriftelijk bevestigd.

De Financieel Adviseur adviseert A meteen weer te bellen en te vragen of het wel klopt dat de boeterente EUR 0,00 is. Dat doet zij op 12 augustus 2019. De Administrateur heeft herhaald dat de boeterente EUR 0,00 bedroeg. Toen heeft A per e-mail de definitieve aflosnota opgevraagd. Die ontving zij op 19 augustus 2019.

A is onaangenaam verrast: de definitieve aflosnota vermeldt een boeterentebedrag van EUR 23.749,81. De aflosnota is geldig tot en met 30 september 2019. A gaat niet akkoord en wil alsnog de bevestiging dat zij geen boeterente hoeft te betalen. Maar die krijgt ze niet. Wel legt SNS uit dat er een misverstand is ontstaan: SNS dacht dat A haar huis zou verkopen. En dan is geen boeterente verschuldigd. Maar A wilde oversluiten en dan is er wel boeterente verschuldigd.

SNS stuurt nadien nog drie (!) aflosnota’s: van EUR 26.642,92, van EUR 27.648,04 en (opnieuw) van EUR 23.749,81. Ze zijn opmerkelijk genoeg allemaal geldig tot en met 30 september 2019.

SNS vindt het zelf ook vervelend. Daarom krijgt A een mooi bosje bloemen.

Op naar het KiFiD
A klaagt bij het KiFiD dat SNS geen boeterente in rekening had mogen brengen. SNS had immers tot twee keer toe bevestigd dat de boeterente EUR 0,00 was. En dan mag je niet ineens bijna EUR 24.000 in rekening brengen, aldus A. Zij had er niet meer op hoeven rekenen dat SNS alsnog boeterente in rekening zou brengen. De herfinanciering vond onder grote tijdsdruk plaats. Bovendien had A – nu ze dacht dat ze geen boeterente hoefde te betalen – haar vakantiehuis gerenoveerd. Dat kostte EUR 18.000. Ze kon dus niet meer de boeterente betalen. A vond daarbij het bosje bloemen uiterst kwetsend. Het was ook een duur bosje, voor EUR 23.749,81.

SNS heeft bij het KiFiD aangegeven de zaak heel vervelend te vinden. Uit coulance, zo zegt SNS, heeft zij minder boeterente in rekening gebracht dan waar ze recht op had.

De beoordeling
De Geschillencommissie oordeelt dat SNS de boeterente gewoon in rekening mocht brengen. De Administrateur had weliswaar tot tweemaal toe gezegd dat A geen boeterente hoefde te betalen, maar de algemene voorwaarden van SNS zijn op dit punt heel duidelijk, aldus de Geschillencommissie. Ook bleek A in zowel februari als november 2016 een pro forma-aflosnota te hebben opgevraagd. Omdat daaruit bleek dat A zelfs nog hogere boeterentebedragen zou moeten betalen, heeft zij de hypotheek niet overgesloten. De Geschillencommissie vindt dat A zich had moeten realiseren dat zij ook nu boeterente zou moeten betalen en dat ze er niet van uit heeft mogen gaan dat de boeterente EUR 0,00 was.

Een vergissing van de bank in uw nadeel
SNS heeft A verkeerd voorgelicht over de boeterente. Een fout van de bank dus. Maar A kan SNS daar volgens de Geschillencommissie niet aan houden. De iconische spreuk op het Algemeen Fondskaartje uit het Monopolyspel ging dus, helaas voor A, niet op.

Wat als…?
De vraag is of het oordeel van de Geschillencommissie anders zou zijn uitgevallen als A in de procedure niet (alleen) zou zijn gaan liggen voor het anker van het gerechtvaardigd vertrouwen. Wat als A (ook) had gesteld dat door de dubbele bevestiging van de Administrateur, dat zij geen boeterente hoefde te betalen, een specifieke afspraak is ontstaan, die voorgaat boven de algemene voorwaarden? Specifieke afspraken gaan voor algemene afspraken. Maar dan moet je wederpartij wel een juiste voorstelling van zaken hebben. Want wat als A bij het telefonisch contact met de Administrateur zou hebben doorgevraagd en zou hebben gewezen op de eerdere pro forma-aflosnota’s? Het ligt voor de hand dat de Administrateur zijn verkeerde veronderstelling (namelijk dat A haar huis wilde verkopen) waarschijnlijk eerder zou hebben ontdekt.

Kortom, de kans dat het muntje de andere kant zou zijn opgevallen, is niet erg groot. Want overeind blijft dat A in 2016 ook al twee keer een pro forma-aflosnota had opgevraagd, met een fiks bedrag aan boeterente erop. Dat het, drie jaar en een stevige rentedaling later, ineens naar nul zou zijn gegaan lijkt te mooi om waar te zijn. En als het te mooi lijkt om waar te zijn, is het dat vaak ook.

Uw eerste aanspreekpunt:

Harm Jan Tulp

Harm Jan (advocaat sinds 1998) drijft een financiële proces- en adviespraktijk. Ondernemingen, instellingen en (vermogende) particulieren schakelen hem in ingeval van bijvoorbeeld beleggingsschade, problemen met rentederivaten of opzegging van het krediet.

Harm Jan is bestuurslid van de Vereniging voor Financieel Recht, lid van de Raden van Toezicht van Revalidatie Friesland en Schouwburg De Lawei en is lid van VNO-NCW. Harm Jan is co-auteur van de SDU-uitgave Commentaar Financieel Recht.

Daarnaast wordt Harm Jan Tulp regelmatig gevraagd voor het televisieprogramma Kassa, als het gaat om actualiteiten op het gebied van financieel recht.

0512 33 41 28 +31 (0) 6 223 748 30 h.tulp@yspeert.nl