De belangrijkste wijzigingen van de Warmtewet voor verhuurders en VvE’s

Vijf jaar na invoering van de Warmtewet wordt deze (alweer) drastisch gewijzigd. De gewijzigde regels treden gefaseerd in werking. De meeste wijzigingen gaan op 1 juli 2019 in. Bepalingen die betrekking hebben op de tariefregulering en de eisen aan de boekhouding krijgen eerst vanaf 1 januari 2020 gelding. In dit blog bespreken wij de belangrijkste wijzigingen.

Werking in de praktijk

De Warmtewet bleek in de praktijk niet goed te werken. De Warmtewet merkte niet alleen externe energiebedrijven (zoals Nuon en Eneco), maar ook verhuurders, woningcorporaties en VvE’s met collectieve verwarmingsinstallaties aan als leverancier van warmte. Verhuurders en VvE’s moesten daarom voldoen aan de Warmtewet en alle (administratieve) verplichtingen die daaruit voortvloeiden, zoals het sluiten van een warmteleveringsovereenkomst met hun afnemers. De Warmtewet bleek vooral voor verhuurders en VvE’s voor de nodige problemen te zorgen. Hun afnemers (huurders en leden) genoten bescherming, terwijl de verhuurders en VvE’s zelf niet beschermd werden. De kosten die externe leveranciers voor levering van warmte in rekening brachten, konden verhuurders en VvE’s in verband met geldende maximumprijzen vaak niet doorberekenen aan hun huurders en leden.

Naast de Warmtewet geven ook andere wetten (Boek 7 BW, Uitvoeringswet huurprijzen woonruimte, de Wet op het overleg huurders verhuurder) regels over de warmtelevering aan huurders. Deze regels bleken op bepaalde punten niet op elkaar afgestemd en tegenstrijdig, bijvoorbeeld ten aanzien van de (on)mogelijkheid om kosten van onderhoud aan een huurder door te berekenen. Dit zorgde voor administratieve rompslomp en onduidelijkheid.

Vanwege onder meer deze implicaties is ervoor gekozen om de Warmtewet te wijzigen.

Belangrijkste wijzigingen van de Warmtewet

De belangrijkste wijzigingen per 1 juli 2019 zijn de volgende:

  • De Warmtewet is niet langer van toepassing op verhuurders, waaronder woningcorporaties, die warmte leveren aan huurders van woon- of bedrijfsruimte en evenmin op VvE’s die warmte leveren aan bewoners. Deze uitzondering geldt zowel voor VvE’s waarvan de eigenaren de bewoners zijn, als voor gemengde VvE’s met eigenaren en huurders. Let wel: de verplichtingen uit de Warmtewet blijven wel gelden voor verhuurders en VvE’s die warmte leveren aan een afnemer die geen huurder of bewoner van een VvE-complex is. Een warmtelevering vanuit een ‘Energie B.V.’ valt bijvoorbeeld wel onder de Warmtewet. De Energie B.V. is immers niet de verhuurder van de woning, waardoor de warmtelevering niet onder de uitzondering valt.
  • Verhuurders die tevens gebouweigenaar zijn, zijn verplicht het inpandig leidingstelsel en de individuele aansluiting van huurders te onderhouden, tenzij hierover andere afspraken zijn gemaakt met de warmteleverancier.
  • Verhuurders die ook gebouweigenaar zijn, moeten een compensatie betalen als zich een storing voordoet in het inpandig leidingstelsel, wederom tenzij hierover andere afspraken zijn gemaakt met de warmteleverancier. Als huurders een compensatie willen ontvangen vanwege een storing, kunnen zij terecht bij de warmteleverancier. De warmteleverancier kan vervolgens de kosten van de compensatie op de gebouweigenaar verhalen (tenzij andere afspraken zijn gemaakt).
  • Bij een eventueel geschil met betrekking tot de warmtelevering of de warmtekosten kunnen leden van VvE’s bij de kantonrechter terecht. Huurders kunnen zich in geval van een geschil (weer) tot de Huurcommissie wenden.
  • Verhuurders en VvE’s blijven verplicht om de kosten voor warmtelevering inzichtelijk te maken en/of te baseren op een individuele meter.

Advies

Heeft u vragen naar aanleiding van dit blog, of wilt u als verhuurder/woningcorporatie of VvE weten welke wijzigingen voor u van belang zijn? Neem dan contact op met Jan Pieter Kleefstra of Frouke Douma.

Bent u benieuwd naar de gevolgen van de wijzigingen voor de door u gesloten warmteleveringsovereenkomsten? Binnenkort komt er een nieuwe blog online, waarin wij de gevolgen van de wijzigingen voor verhuurders en VvE’s nader zullen bespreken.

Uw eerste aanspreekpunt:

Frouke Douma

Frouke heeft Nederlands recht gestudeerd aan de Rijksuniversiteit Groningen. Zij werkte als juriste op een accountantskantoor en als advocaat bij een advocatenkantoor in het Noorden. Naast haar werk is ze als buitenpromovenda verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen, waar ze promotieonderzoek doet naar de positie van zekerheidsgerechtigden in internationale insolventieprocedures vanuit internationaal privaatrechtelijk perspectief.

Frouke is secretaris in het bestuur van de Jonge Balie en lid van Jong Onroerend Goed (JOG) en de Jongeren Commerciële Club in Groningen en Assen.

050-2071614 +31 (0) 6 534 424 58 f.douma@yspeert.nl