Hoe zit het ook alweer met het leggen van beslag?

  • event23-12-2019
  • schedule10:00
  • timer1 minuut

Een voorbeeld:
Tussen A en B bestaat een geschil. A meent namelijk nog €10.000 van B te krijgen, maar B is van mening dat hij helemaal geen geld aan A verschuldigd is. A start een procedure bij de rechtbank en vordert daar betaling van €10.000. Als de rechter A in het gelijk stelt en oordeelt dat deze een vordering heeft op B, dan moet B betalen. In de praktijk wordt zelfs na een gunstige uitspraak van een rechter lang niet altijd betaald. Soms is dat onwil of soms omdat er (dan) geen geld meer is bij B. Als er niet betaald wordt door B, dan kan A beslag leggen om zijn vordering alsnog te innen.

Aan de hand van dit voorbeeld wordt hierna het verschil toegelicht tussen executoriaal en conservatoir beslag. Ook wordt uitgelegd wanneer de beide vormen van beslag kunnen worden toegepast en wat het effect ervan is.

Executoriaal beslag
De procedure bij de rechtbank is afgerond en de rechter heeft in het vonnis beslist dat de vordering van A wordt toegewezen. B betaalt niet. Dan biedt het executoriaal beslag een uitkomst. Door dit beslag kan de schuldeiser de vordering alsnog innen, met of zonder medewerking van de schuldenaar.

Voordat de deurwaarder executoriaal beslag kan leggen, moet hij beschikken over een zogenaamde executoriale titel. Deze titel heeft u gekregen, dat is namelijk de schriftelijke uitspraak van de rechter, het vonnis. Met die executoriale titel wordt de deurwaarder op pad gestuurd. Hij reikt (een kopie van) de executoriale titel uit aan B. In juridische termen heet dat ‘de betekening’ van de uitspraak. Daarbij beveelt de deurwaarder B om op korte termijn (meestal 2 of 3 dagen) te betalen. Ook laat de deurwaarder aan B weten waar hij beslag op legt. Dat kan zijn op: een spaarrekening, op het huis van B, op zijn inboedel of zijn auto, maar ook op vorderingen van B op anderen, of op het loon en vakantiegeld dat B ontvangt. Als B niet uit zichzelf en binnen de gestelde termijn betaalt, dan kan de deurwaarder het geld van de bankrekening van B (laten) halen, of de zaak waarop het executoriaal beslag is gelegd openbaar verkopen. Uit de verkoopopbrengst krijgt A dan betaald.

Derdenbeslag
In plaats van beslag leggen op goederen van B, kan A ook beslag leggen op goederen van B die niet bij B aanwezig zijn, maar bij een derde. Bijvoorbeeld de auto van B die bij de garage staat, of het geld van B op zijn spaarrekening. Dit noemt men derdenbeslag. Namens A wordt ten laste van B beslag bij een derde gelegd. Als B bijvoorbeeld nog € 20.000 tegoed heeft van X, dan kan A een (derden)beslag leggen op die vordering (tot het bedrag dat hem toekomt).

Conservatoir beslag
Een uitspraak bij een rechter krijgen duurt vaak lang. Een jaar is zo om en in een jaar kan een heleboel gebeuren. Terwijl u wacht op de uitspraak komt B misschien wel zonder geld te zitten. Ook kan het gebeuren dat B probeert zijn geld en bezittingen weg te sluizen, om zo te voorkomen dat u die zaken straks opeist. Of wat te denken van de situatie waarin B het door u aan hem geleverde product doorverkoopt aan een ander, terwijl u nog op betaling van B wacht?

Om te voorkomen dat u na een lange en kostbare procedure alsnog met lege handen staat, bestaat het conservatoir beslag. Met het leggen van conservatoir beslag kunt u voorkomen dat bepaalde goederen of gelden buiten uw bereik raken. Die goederen of gelden worden als het ware ‘bewaard’, totdat de rechter in zijn uitspraak duidelijk heeft gemaakt wat daarmee moet gebeuren.

Om conservatoir beslag te mogen leggen moet u toestemming vragen bij een rechter, die rechter heet de voorzieningenrechter. Die toestemming moet door een advocaat worden gevraagd. De voorzieningenrechter beoordeelt dat verzoek summier en bijna altijd zonder daarbij aan B gelegenheid te geven zijn visie op uw verzoek te geven. Zou B namelijk eerst gehoord moeten worden, dan heeft hij immers tijd om zijn geld en bezittingen weg te sluizen en dat wilt u nu juist voorkomen. Doordat geen diepgaand onderzoek ingesteld wordt naar wat u in uw verzoek noemt, is het leggen van beslag meestal vrij eenvoudig. Vrijblijvend is dat echter niet.

De voorzieningenrechter verbindt vaak één of meer voorwaarden aan de toestemming om beslag te mogen leggen. Een voorwaarde is altijd dat u kort na het leggen van het beslag (meestal binnen 14 dagen) een juridische procedure moet starten (als dat nog niet gedaan is). In die procedure wordt dan de juistheid van uw vordering getoetst. Start u die procedure niet, dan vervalt een eventueel gelegd beslag. Wordt die procedure op tijd gestart, dan blijft het beslag in principe liggen totdat er in de procedure een uitspraak gedaan is door de rechter.

Onterechte beslaglegging
Wanneer op uw eigendommen beslag is gelegd, dan is dat op z’n zachtst gezegd niet prettig. Het beperkt u immers in uw vrijheid om met uw zaken te doen wat u wilt. Soms kunnen er zelfs grote problemen ontstaan als het beslag niet snel opgeheven wordt. Denk bijvoorbeeld aan de situatie waarin beslag op uw woning gelegd is, terwijl die woning door u al verkocht is. Dat kan voor grote problemen (en veel kosten) zorgen. Wanneer u vindt dat het beslag onterecht gelegd is of voor een (veel) te hoog bedrag, dan kunt u de rechter vragen het beslag (geheel of gedeeltelijk) op te heffen. Soms lukt dat, maar lang niet altijd. Het is daarom zaak in een dergelijk geval goed voorbereid naar de rechter te gaan en deskundig advies in te winnen.

Voorkom onaangename verassingen
Beslaglegging is een manier om ervoor te zorgen dat u daadwerkelijk geld of een goed ontvangt. U heeft er immers niets aan om op papier van de rechter gelijk te krijgen, om daarna te constateren dat uw wederpartij niet (meer) aan u kan betalen of leveren. Overweegt u een procedure te starten, overweeg dan ook om beslag te leggen. Mocht bij u beslag gelegd zijn, onderzoek dan ook de mogelijkheden om dit op te laten heffen. Het is in beide situaties raadzaam om juridisch advies in te winnen, zodat u onaangename verassingen voorkomt.

Uw eerste aanspreekpunt:

Jan-Gerrit Meijerink

Een goed advies kan veel problemen voorkomen en voorkomen is beter dan genezen en vaak ook wel zo voordelig. Toch kan soms een conflict ontstaan, alle goede bedoelingen ten spijt. Op zo’n moment neem ik graag het roer in handen om tot een goede oplossing te komen. Die oplossing moet juridisch deugen, maar vooral ook praktisch zijn zodat u verder kunt. Dat vraagt soms een creatieve aanpak en dat is iets dat mij goed ligt.