Het hoger beroep

  • event21-04-2021
  • schedule15:00
  • timer5 minuten

Het hoger beroep, waarom en hoe?*

Als iemand ‘in hoger beroep’ gaat, dan is dat doorgaans omdat er al een uitspraak ligt van de civiele rechter en iemand zich in die uitspraak niet kan vinden. In hoger beroep kunt u de zaak die door een eerdere rechter is behandeld – als u wilt – helemaal overdoen. Een hogere rechter (het gerechtshof) kijkt dan opnieuw naar de zaak die eerder al door een lagere rechter (rechtbank) is afgewikkeld. De procedure gedeeltelijk over doen kan ook in hoger beroep.

Voordat iemand in hoger beroep kan heeft er zich al heel wat afgespeeld. Zo kunt u pas in hoger beroep, nadat een rechtbank op het geschil beslist heeft. Als er in het vonnis van de rechtbank dingen staan waar u het niet mee eens bent en die moeten maken dat een andere uitkomst volgt, dan kan het zinvol zijn om in hoger beroep te gaan. Ook uw tegenpartij heeft de mogelijkheid om in hoger beroep te gaan. Maar waar moet u rekening mee houden en welke voorwaarden zijn hieraan verbonden? Wij leggen het u graag uit in deze blog.

Voorwaarden voor hoger beroep

De partij die in hoger beroep gaat wordt appellant genoemd, de wederpartij de geïntimeerde. Bij bepaalde zaken is geen hoger beroep mogelijk, de wet vermeldt dit dan expliciet. Wanneer sprake is van een financieel belang van minder dan 1.750 euro is hoger beroep in ieder geval geen optie. Voor het instellen van hoger beroep geldt een termijn van drie maanden.

LET OP, bij een kort geding (een spoedprocedure) is deze termijn korter. Bent u niet op tijd, dan kunt u niets meer doen tegen het vonnis van de rechtbank.

In de meeste gevallen kan alleen hoger beroep worden ingesteld tegen een einduitspraak van de rechtbank, niet tegen tussenuitspraken. Dit gaat helaas nog wel eens mis in de praktijk. Verder is het verplicht u bij te laten staan door een advocaat.

 

De gang van zaken bij hoger beroep

Om in hoger beroep te gaan, moet een dagvaarding worden uitgebracht. Anders dan een dagvaarding bij de rechtbank, hoeft in dit stuk nog niet te worden toegelicht waarom u in hoger beroep gaat. Uiteraard mag dat wel. Doet u dit niet, dan moet een ander processtuk worden ingediend, waarin u nader aangeeft waarom u het met een uitspraak van de rechtbank niet eens bent. Dat processtuk wordt de memorie van grieven genoemd. Uw tegenpartij mag daar op reageren. Die reactie wordt de memorie van antwoord genoemd.

U heeft dus de keuze: direct uw bezwaren tegen het vonnis van de rechtbank opnemen in de dagvaarding, of een zogenoemde pro forma dagvaarding uitbrengen en deze op een later moment van een toelichting voorzien, bij memorie van grieven. Meestal wordt voor die laatste optie gekozen. Een reden hiervoor kan zijn dat u meer tijd heeft om bezwaren tegen het vonnis – eventueel vergezeld van nieuwe bewijsmiddelen – in het processtuk uit te werken, of dat u meer tijd heeft om met uw tegenpartij te onderhandelen. In hoger beroep gelden dezelfde bewijsregels als in eerste aanleg.

Hoger beroep geeft u alle gelegenheid om uw zaak in volle omvang opnieuw te laten behandelen, nu door een hogere rechter. Hierbij wordt er niet alleen opnieuw gekeken naar uw argumenten, maar ook naar de feiten en naar het bewijs.

U kunt er ook voor kiezen slechts een deel van de zaak aan de hogere rechter voor te leggen Bijvoorbeeld omdat u op bepaalde punten wel gelijk heeft gekregen. Als uitgangspunt geldt dat de rechter in hoger beroep alleen hoeft te oordelen over de klachten die naar voren worden gebracht tegen de uitspraak van de rechtbank. Wanneer een klacht doel treft moet de hogere rechter dat onderdeel opnieuw beoordelen, inclusief de (niet uitdrukkelijk prijsgegeven) stellingen/verweren die eerder al bij de rechtbank genoemd zijn. Een voorbeeld maakt dit duidelijk.

Een voorbeeld

Stel dat X betaling van 10.000 euro vordert van Y. Y heeft bij de rechtbank 3 verweren genoemd. Verweer 1 wordt door de rechtbank verworpen, maar verweer 2 wordt gehonoreerd. Verweer 3 blijft dan onbehandeld door de rechtbank. Doordat verweer 2 wordt gehonoreerd, wordt de vordering van X door de rechtbank afgewezen. X gaat in hoger beroep en klaagt met succes tegen de honorering van verweer 2 door de rechtbank. De hogere rechter moet nu ambtshalve verweer 1 opnieuw beoordelen. Als verweer 1 niet slaagt dan moet de hogere rechter ook verweer 3 alsnog behandelen.

Zo bezien zou u kunnen denken dat wanneer u bij de rechtbank volledig geweest bent, u in hoger beroep niets meer hoeft te doen. Dat is waar, maar met een (belangrijke) kanttekening. In hoger beroep mogen namelijk ook geheel nieuwe argumenten naar voren gebracht worden. Het kan daarom verstandig zijn ook in hoger beroep uw standpunt naar voren te brengen. Dat voorkomt een tegenvaller.

De uitspraak van het hof: het arrest

Na schriftelijke uitwisseling van de standpunten kunnen partijen verzoeken om de zaak mondeling te mogen bepleiten. Dit komt steeds minder vaak voor. Het gerechtshof zal vervolgens uitspraak doen. Dit wordt ook wel een arrest genoemd. Indien het hoger beroep slaagt, dan wordt de uitspraak van de rechter vernietigd en doet het gerechtshof zelf een nieuwe uitspraak. Die uitspraak komt dan in de plaats van die van de rechtbank.

Indien het beroep deels gegrond wordt verklaard, blijft de uitspraak van de rechter in eerste aanleg voor een gedeelte in stand. Voor het deel dat niet in stand blijft doet het gerechtshof daarover uitspraak. Bij een ongegrondverklaring van het hoger beroep wordt de uitspraak van de rechter in de eerste aanleg bekrachtigd. Indien u het niet eens bent met de einduitspraak van het gerechtshof, is er de mogelijkheid in cassatie te gaan bij de Hoge Raad.

Wilt u geadviseerd worden over het al dan niet instellen van hoger beroep, of heeft u een vraag naar aanleiding van deze blog? Neem dan contact op met Jan-Gerrit Meijerink.
 

* In dit blog wordt alleen de gang van zaken bij een hoger beroep in een civiele zaak besproken.

Uw eerste aanspreekpunt:

Jan-Gerrit Meijerink

Een goed advies kan veel problemen voorkomen en voorkomen is beter dan genezen en vaak ook wel zo voordelig. Toch kan soms een conflict ontstaan, alle goede bedoelingen ten spijt. Op zo’n moment neem ik graag het roer in handen om tot een goede oplossing te komen. Die oplossing moet juridisch deugen, maar vooral ook praktisch zijn zodat u verder kunt. Dat vraagt soms een creatieve aanpak en dat is iets dat mij goed ligt.