Gemeenten: maak gebruik van uw regresrecht in het kader van de Wmo 2015

  • event23-11-2021
  • schedule10:00
  • timer2 minuten

Via het regresrecht (Wmo 2015, artikel 2.4.3) kan de gemeente de kosten van een maatwerkvoorziening of een persoonsgebonden budget verhalen op degene die aansprakelijk is voor het ontstaan van de noodzaak van die voorziening. In de praktijk zal dit in de meeste gevallen een aansprakelijkheidsverzekeraar zijn. Het regresrecht is sinds 2015 opgenomen in de Wmo en is vergelijkbaar met de regelingen in de sociale verzekeringswetten.

In het derde lid van artikel 2.4.3 is geregeld dat, indien de maatwerkvoorziening niet zonder meer is uit te drukken in een geldbedrag, er een schatting kan worden gemaakt van de geldswaarde van de geleverde maatwerkvoorziening.

Het regresrecht is doorgaans beperkt tot gevallen van schuldaansprakelijkheid. Dat wil zeggen dat er sprake dient te zijn van een onrechtmatige daad die aan de veroorzaker kan worden toegerekend en deze daarvoor derhalve aansprakelijk is.

Het regresrecht tot 1 januari 2019 (Wmo 2015)

Tot voor kort werd het regresrecht geregeld via een convenant, gesloten tussen de VNG en het Verbond van Verzekeraars. Hierbij werd een x-bedrag naar rato over de gemeenten verdeeld. Het Verbond van Verzekeraars heeft echter besloten dit na 2018 niet te verlengen, omdat verzekeraars de kans liepen twee keer te betalen: één keer via de schadeverzekering en één keer via het convenant.

Het regresrecht vanaf 1 januari 2019 (Wmo 2015)

Bij letsel ontstaan vanaf 1 januari 2019, geldt dat de gemeente de kosten zelf dient te verhalen. Het is verstandig om in een vroeg stadium, bijvoorbeeld na de melding of tijdens het keukentafelgesprek, na te gaan of er een aansprakelijke derde is. Soms staat de aansprakelijkheid nog niet vast, maar wordt dit later alsnog bepaald. De kosten kunnen dan alsnog verhaald worden. De Wmo kent een zelfstandig verhaalsrecht. De aanvrager hoeft dus geen toestemming te geven om de kosten te verhalen.

Civiel recht

Het regresrecht is een stukje civielrecht in het bestuursrecht. Kennis op het gebied van letselschade, is dan ook onontbeerlijk. De VNG adviseert gemeenten dan ook om afspraken te maken met gespecialiseerde advocatenkantoren om deze kosten te verhalen. Want wat te doen bij eigen schuld van het slachtoffer of hoe moet het civiel plafond (er kan niet meer gevorderd worden, dan het slachtoffer (zelf) had kunnen vorderen) uitgelegd worden? En wat te doen met kosten die onder het convenant vallen en wanneer verjaart de vordering? Allemaal onderwerpen die in de praktijk spelen.

Verwijzen naar de aansprakelijkheidsverzekeraar

Wat overigens niet mag, is een aanvrager naar de aansprakelijkheidsverzekeraar verwijzen om daar de kosten te verhalen. In de praktijk gebeurt dit nogal eens met verwijzing naar een uitspraak van de CRvB onder de Wmo 2007. Zowel de VNG als de minister voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport hebben aangegeven dat dit niet de bedoeling is.

Conclusie: maak gebruik van uw regresrecht onder de Wmo 2015

Mede omdat gemeenten steeds meer met tekorten geconfronteerd worden in het kader van de Wmo, is het dus raadzaam om alert te zijn bij een Wmo aanvraag. Omdat kennis van het aansprakelijkheidsrecht noodzakelijk is, en dit niet altijd aanwezig is bij gemeenten, is het verstandig om contact op te nemen met een gespecialiseerd advocatenkantoor. In sommige situaties is het mogelijk om de kosten voor rechtsbijstand te verhalen op de verzekeraar.

Wilt u meer weten over dit onderwerp of weten wat wij voor u kunnen betekenen? Neemt u dan contact op met Karin Kamps. Zij behandelt letselschadezaken en heeft daarnaast ook jarenlange ervaring op het gebied van het sociaal domein.

Uw eerste aanspreekpunt:

Karin Kamps

Bij letselschade is juridische deskundigheid alleen niet genoeg. Als belangenbehartiger moet je praktisch ingesteld zijn en kunnen samenwerken met andere deskundigen zoals medische experts of arbeidsdeskundigen. Ook een luisterend oor is belangrijk. Een ongeval kan iemands wereld behoorlijk op de kop zetten.