Aannemers en bouwers: let bij vergunningen ook zelf op bezwaar- en beroepstermijnen

  • event12-08-2021
  • schedule00:00
  • timer3 minuten

In het bestuursprocesrecht hebben de afgelopen maanden al de nodige ontwikkelingen plaatsgevonden. De belangrijkste ontwikkeling is misschien wel dat de rechtsbescherming bij vergunningen en andere omgevingsrechtelijke besluiten die zijn voorbereid met de uniforme openbare voorbereidingsprocedure, aanzienlijk zijn verruimd. Hierover schreven wij eerder deze blog.

Aan het begin van de zomer is daar nog een voor u relevante ontwikkeling bij gekomen. Een rechter toetst niet meer ambtshalve (uit zichzelf) of een bezwaarschrift en/of beroepschrift in een eerdere procedurele fase tijdig is ingediend. Dit betekent dat u als vergunninghouder er verstandig aan doet dit zelf te controleren en een rechter te wijzen op een eventuele termijnoverschrijding.

Hoe zat het ook al weer met de procedures?

Omgevingsrechtelijke besluiten worden voorbereid met de reguliere voorbereidingsprocedure of de uniforme openbare (ook wel uitgebreide) voorbereidingsprocedure.

Regulier

Tegen besluiten voor projecten waarop de reguliere voorbereidingsprocedure van toepassing is, kan gedurende zes weken bezwaar worden gemaakt bij het bestuursorgaan dat het besluit heeft genomen (bijvoorbeeld het college van burgemeester en wethouders van een gemeente). Als op dit bezwaar vervolgens wordt beslist, kan tegen die beslissing op bezwaar binnen zes weken beroep worden ingesteld bij de bestuursrechter in eerste aanleg (de rechtbank). Voor degene met een lange adem staat tegen de uitspraak van rechtbank ten slotte nog hoger beroep open bij een hoogste bestuursrechter.

Uitgebreid procedure (UOV) 

Tegen besluiten voor projecten waarop de uitgebreide voorbereidingsprocedure van toepassing is, kunnen gedurende zes weken na bekendmaking van een conceptbesluit (zoals een conceptvergunning) zienswijzen worden ingediend. Na ommekomst van deze zienswijzetermijn zal een bestuursorgaan een definitief besluit nemen. Vervolgens staat een beroepsprocedure open. Zie voor de vraag voor welke personen de beroepsprocedure openstaat onze eerdere blog. Ook bij deze procedure geldt in de hoofdregel dat hoger beroep open staat bij een hoogste bestuursrechter. De uitzonderingen op deze hoofdregel zijn de besluiten waarbij beroep in eerste en enige aanleg open staat bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

Wat betekent dit voor u

Dit betekent dat een initiatiefnemer/vergunninghouder zelf moet opletten of het bezwaar of beroep tegen zijn vergunning wel op tijd is ingediend. Als de vergunninghouder constateert dat het bezwaar of beroepschrift te laat was, dan adviseren wij dit expliciet in de procedure aan te voeren. U kunt niet langer vertrouwen (of toepasselijker; bouwen) op de ambtshalve toets door de rechter. Op het moment dat een van de partijen aanvoert dat sprake is van een termijnoverschrijding, zal de bestuursrechter dit wél beoordelen. Zo kunt u in die situatie bewerkstelligen dat alsnog een niet-ontvankelijkheid volgt.

Heeft u een lopende procedure en denkt u dat een rechtsmiddel niet op tijd is ingesteld, zorg dan dat u deelneemt aan de procedure (als derde-belanghebbende) zodat u een rechter hierop kunt wijzen. Twijfelt u of sprake is van een te laat rechtsmiddel, neem dan contact op. Wij denken graag met u mee.

Vragen?

Hebt u vragen over deze nieuwe ontwikkeling in de rechtspraak of hebt u anderszins vragen over een bestuursrechtelijke procedure, neemt u dan contact op met Elzelou Grit of Doreth Loonstra.

 

Uw eerste aanspreekpunt:

Elzelou Grit

In mijn praktijk heb ik te maken met allerlei belangen; het algemeen belang van de maatschappij, het belang van een ondernemer met een plan en vaak nog het belang van een tegenstander van dat plan. Het bestuursrecht heeft ook nog eens eigen regels en gespecialiseerde rechters met een eigen procesrecht. Dat maakt het bestuursrecht een schaakspel met geheel eigen spelregels. Of ik nu procedeer of adviseer, ik maak graag gebruik van alle ‘schaakstukken’ op het bord.


Doreth Loonstra

Als advocaat ben ik werkzaam in de bestuursrecht- en de bouwrecht praktijk. Dat betekent dat ik mij bezig houd met zaken waarbij een overheid of een bouwer partij is. Overheden hebben bevoegdheden die vergaand in kunnen grijpen op de mogelijkheden van ondernemingen en particulieren. Voor zowel een overheid als een onderneming is het van belang dat deze eenzijdige bevoegdheidsuitoefening zorgvuldig en rechtmatig verloopt met inachtneming van alle betrokken belangen. Het bestuursrecht beslaat een breed spectrum met raakvlakken in het civiele recht en strafrecht. Daaraan verwant is het bouwrecht. Projecten beginnen vaak met een plan tot ontwikkeling van een braakliggend terrein of een herontwikkeling van bestaand vastgoed. Juist die regelgeving op verschillende onderwerpen, die ook nog eens per locatie kan verschillen, levert in de praktijk een uitdagende puzzel op.

Klik voor meer binnnen de categorie